Uiterlijk 14 dagen voor het examen ontvangt u de oproep. In de oproep staat waar en hoe laat u examen doet, en ook wat u moet meenemen. Hebt u de oproep 10 dagen vóór het examen nog niet gekregen, neem dan direct contact op met één van de medewerkers van DUO. Het telefoonnummer is (050) 599 89 33.
Op de examendag moet u zich kunnen legitimeren. Zonder legitimatie wordt u niet tot het examen toegelaten. U moet zich kunnen legitimeren met een legitimatiebewijs dat is voorzien van een pasfoto. U kunt hiervoor bijvoorbeeld een paspoort, verblijfsvergunning of gemeentelijke identiteitskaart gebruiken. Hebt u geen legitimatiebewijs voorzien van een pasfoto, neemt u dan uiterlijk één maand voor het examen contact op met DUO.
Het Nt2-examen bestaat uit de vier examenonderdelen lezen, spreken, luisteren en schrijven.
Het examen 'lezen' bestaat uit ongeveer acht teksten met ongeveer veertig vragen. U krijgt honderd minuten (Programma II) of honderdtien minuten (Programma I) om deze teksten te lezen en de vragen te beantwoorden. Het is belangrijk dat u goed met uw tijd omgaat: voor sommige vragen moet u informatie in een tekst opzoeken, voor andere vragen moet u een tekst of een tekstdeel goed lezen en begrijpen. U mag hierbij maximaal drie woordenboeken gebruiken. Er mogen geen aantekeningen in uw woordenboeken staan. Het Van Dale synoniemen- en spreekwoordenboek mag u niet gebruiken. Elektronische hulpmiddelen (bijvoorbeeld een vertaalcomputer) zijn tijdens het examen ook niet toegestaan. In totaal duurt het examenonderdeel lezen ruim twee uur. Dit is inclusief de tijd die nodig is voor legitimatie en instructie.
Tijdens het examen 'luisteren' luistert u naar korte stukjes tekst. De teksten gaan vaak over onderwerpen die te maken hebben met opleiding en beroep. U hebt tijdens het examen 'luisteren' twee keer een korte pauze. In totaal duurt het examenonderdeel 'luisteren' ongeveer twee uur. Dit is inclusief de tijd die nodig is voor legitimatie en instructie.
Het examen 'schrijven' bestaat uit twee delen. Voor elk deel hebt u een uur de tijd. Het eerste deel bestaat uit opdrachten waarbij u steeds een korte tekst moet schrijven. Het tweede deel bestaat uit een aantal langere schrijftaken. Bij beide delen mag u gebruikmaken van maximaal drie woordenboeken. Er mogen geen aantekeningen in uw woordenboek staan.
