Kwijtschelding aanvullende beurs
Als je een prestatiebeurs hebt, betalen we alleen de eerste twaalf maanden van de aanvullende beurs als gift uit. Het is ook mogelijk om de overige maanden van de uitbetaalde aanvullende beurs kwijt te schelden. Als je hiervoor in aanmerking komt, doen we dat een paar jaar na afloop van je studie.
Afhankelijk van je inkomen
Door de aanvullende beurs ook na het eerste jaar kwijt te schelden, hebben studenten mét en studenten zonder aanvullende beurs dezelfde studieschuld. Dat is de achterliggende gedachte van deze kwijtscheldingsregeling. Of we de aanvullende beurs daadwerkelijk kwijtschelden, is afhankelijk van je inkomen en dat van je eventuele partner. Je komt in aanmerking voor (gedeeltelijke) kwijtschelding als je verzamelinkomen in het peiljaar lager is dan ongeveer € 35.000,-. Als je een partner hebt, moet het gezamenlijk verzamelinkomen lager zijn dan ongeveer € 43.500,-.
Kom ik in aanmerking?
Er zijn drie voorwaarden:
- Je hebt tenminste twaalf maanden prestatiebeurs gehad
- je hebt na deze twaalf maanden nog minimaal één maand aanvullende beurs gehad nà augustus 2001
- Je aanvullende beurs is nog geen gift geworden.
Vanaf wanneer kom ik in aanmerking?
In het vierde jaar ná je laatste jaar met studiefinanciering, kijken we of je aan alle voorwaarden voldoet. Per november van dat vierde jaar kun je in aanmerking komen voor kwijtschelding. Had je voor het laatst studiefinanciering in 2005? Dan kun je per november 2009 in aanmerking komen.
Hoe vraag ik kwijtschelding aan?
Voldoe je aan de voorwaarden, dan sturen wij je automatisch een informatiepakket. Hier hoef je zelf niets voor te doen. Het informatiepakket bestaat uit een brief met een aanvraagformulier.
Inkomen buiten Nederland
Als je kwijtschelding van de aanvullende beurs wilt aanvragen, moet je gegevens over het inkomen opgeven. Gebruik onderstaand formulier als je een inkomen buiten Nederland hebt.
Vraag en antwoord
Antwoord op je vraag
in drie stappen
in drie stappen
