Bijzondere omstandigheden prestatiebeurs


Verlenging van de diplomatermijn

Om de prestatiebeurs omgezet te krijgen in gift, moet een student binnen de diplomatermijn van 10 jaar met goed gevolg het afsluitend examen behalen. Indien de student als gevolg van bijzondere omstandigheden van tijdelijk aard het diploma niet binnen de diplomatermijn kan behalen, wordt de diplomatermijn verlengd met de duur van die bijzondere omstandigheden.

Onder een bijzondere omstandigheid van tijdelijke aard wordt ook verstaan een gebrekkige studeerbaarheid. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn in geval van een verplichte wachttermijn in verband met co-schappen aan het eind van de diplomatermijn. De diplomatermijn kan dan worden verlengd met de duur van de bijzondere omstandigheid. Een voorbeeld: Lisanne is in 1996 begonnen met een studie geneeskunde. Zij wil in 2004 met haar co-schappen starten, maar krijgt te maken met 7 maanden wachttijd. De co-schappen duren twee jaar, dus ze redt het niet binnen de diplomatermijn. De diplomatermijn wordt op haar verzoek verlengd met de duur van de wachttijd, oftewel met 7 maanden.

Een verlenging van de diplomatermijn is ook mogelijk voor studenten die gebruik maken van de mogelijkheid om voor hun co-schappen promotieonderzoek te doen.  De diplomatermijn kan dan worden verlengd met de duur van het promotieonderzoek.

Wanneer de student geen diploma kan behalen als direct gevolg van bijzondere omstandigheden van structurele aard, kan de prestatiebeurs ook omgezet worden in gift. 

Zwangerschap en bijzondere familieomstandigheden

De prestatiebeurs kan met een jaar worden verlengd, als de student als gevolg van een lichamelijke, zintuiglijke of andere functiestoornis niet in staat is het afsluitend diploma te behalen binnen het hem toegekend aantal jaren prestatiebeurs (meestal 4 jaar). Voorbeelden van functiestoornissen waarvoor een verlenging wordt toegekend zijn dyslexie, anorexia, Pfeiffer, depressie.

Zwangerschap en bijzondere familieomstandigheden worden niet gerekend als functiestoornis. Wanneer er sprake is studievertraging als gevolg van zwangerschap of bijzondere familieomstandigheden, bijvoorbeeld overlijden van een familielid, kan de student een beroep doen op het afstudeerfonds van de onderwijsinstelling. Wij verzoeken u dan ook een dergelijk verzoek van de student om verlenging van de prestatiebeurs niet te ondersteunen, aangezien dit verzoek wordt afgewezen. 

Uiteraard wordt een verzoek om verlenging wel toegekend als er bijvoorbeeld sprake is geweest van medische complicaties tijdens of na de zwangerschap, waardoor het langer dan normaal heeft geduurd voordat de student de studie weer heeft kunnen oppakken. 

Moment van de bijzondere omstandigheid

Naast het verlengen van de diplomatermijn en verlengen van de prestatiebeurs, kan de prestatiebeurs in geval van bijzondere omstandigheden ook zonder afsluitend diploma worden omgezet in gift. Het betreft hier twee situaties:

De student kan als direct gevolg van bijzondere omstandigheden van structurele aard het afsluitend diploma niet behalen; 
De student wordt binnen de diplomatermijn 80% of meer arbeidsongeschikt in de zin van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). 
Tenslotte kan de student nieuwe aanspraak op studiefinanciering krijgen, wanneer hij als direct gevolg van een tijdens de studie verworven handicap, een zich tijdens de studie verergerende handicap of een zich tijdens de studie manifesterende chronische ziekte genoodzaakt is de reeds begonnen opleiding te beĆ«indigen. 

In geval van nieuwe aanspraak of omzetting van de prestatiebeurs als gevolg van 80% of meer Wajong, is het duidelijk dat de bijzondere omstandigheid zich tijdens de studie moet voordoen. 

In geval van verlenging van de prestatiebeurs en verlenging van de diplomatermijn voert de IB-Groep het beleid dat de bijzondere omstandigheid zich ook mag voordoen voordat de student de studie heeft aangevangen. Studenten die getroffen zijn door bijzondere omstandigheden zullen in het algemeen meer tijd nodig hebben om een studie af te ronden. Om te stimuleren dat ook deze categorie studenten een studie aanvangt, ontvangen zij 12  maanden extra prestatiebeurs wanneer ze kunnen aantonen dat ze daadwerkelijk extra tijd nodig hebben om een studie af te kunnen ronden. Eventueel kunnen zij ook verzoeken om verlenging van de diplomatermijn van 10 jaar, maar gezien de ruime termijn zal dit zich in veel mindere mate voordoen.

Verzoekt de student om omzetting van de prestatiebeurs, omdat hij het afsluitend diploma niet kan behalen, dan moet de bijzondere omstandigheid zich wel tijdens de studie voordoen. Vraagt hij prestatiebeurs aan voor een studie, nadat de bijzondere omstandigheid zich al heeft voorgedaan, dan komt het risico dat hij de studie niet kan afronden voor zijn eigen rekening. De IB-Groep heeft hier aansluiting gezocht bij artikel 7.51 Whw over het afstudeerfonds: een voorwaarde om voor het afstudeerfonds in aanmerking te komen is dat de bijzondere omstandigheid zich voordoet tijdens de prestatiebeursfase. 

Handtekeningenregister

Een verzoek van de student om voor de voorziening prestatiebeurs in aanmerking te komen dient ondertekend te worden door de natuurlijke persoon of het bestuur van de rechtspersoon van de onderwijsinstelling waar de student is ingeschreven. In de meeste gevallen is de studentendecaan de persoon die het best op de hoogte is van de situatie van de student. Hij is dan ook degene die de beoordeling maakt of de student voor een verlenging of omzetting in aanmerking zou moeten komen. Om zorg te dragen voor een verbeterde uitvoering en om misbruik en oneigenlijk gebruik van deze regeling tegen te gaan, heet de IB-Groep een handtekeningenregister in het leven geroepen. 

Enige tijd geleden is uw onderwijsinstelling benaderd door de IB-Groep om hier aan mee te werken. Verzocht is om aan te geven wie binnen uw instelling tekenbevoegd is. Aan de hand van deze gegevens weten wij wie wij kunnen benaderen bij onduidelijkheden. Daarnaast kunnen we controleren of de verklaring inderdaad is afgegeven door een door u daartoe aangewezen persoon (en niet bijvoorbeeld door de student zelf). Inmiddels hebben wij al veel reacties mogen ontvangen, maar helaas heeft nog niet iedere onderwijsinstelling gereageerd. Wanneer u nog niet heeft aangegeven wie van uw instelling tekenbevoegd is, verzoeken wij u vriendelijk dit alsnog door te geven aan :

Informatie Beheer Groep
OS/Klantrelatie 
ter attentie van Diana Kerstholt
Kb 6, kamer 104
Antwoordnummer 230
9700 VB Groningen